Goed spel tussen honden: waar let je als baasje op?

Goed spel tussen honden: waar let je als baasje op?

05/10/2026 Uncategorized 0

Het herkennen van goed spel is belangrijk bij je pup of opgroeiende hond. Maar niet enkel als ze nog in ontwikkeling zijn: ook voor de andere hond moet het fijn en veilig spel blijven en niet iets waar hij of zij een nare ervaring of trauma aan overhoudt. Daarom leg ik je hier graag even uit wat goed spel tussen soortgenoten nu eigenlijk is en hoe je dit kunt herkennen.

De website doggo.nl heeft hiervan een mooie definitie gemaakt die ik graag even deel:

“Spelen is: verschillende gedragingen, met snel opeenvolgende gedragselementen, soms overdreven uitgevoerd met rituele bewegingen en houdingen t.b.v. de communicatie. Spelen heeft elementen van de jacht, van de vlucht en van vechten; ook kan het seksueel getint zijn. Het is het oefenen van de motoriek en het oefenen van de sociale vaardigheden. Bij spel zijn er rolwisselingen; het gaat ‘gelijk op’.”

(Bron: doggo.nl)

Een hele boterham dus! Ik leg je graag uit wat dit nu concreet allemaal inhoudt.

Soorten spel

Er zijn verschillende soorten spel die een hond kan laten zien. Je hebt honden die graag achter elkaar aan rennen (renspel), honden die juist meer tegen elkaar opspringen en veel met hun poten doen (stoeispel) en honden die liever op elkaar inbeuken of veel met hun bek doen. Zo zijn er nog wel meer spelvormen die je kunt ontdekken als je goed kijkt. Vaak is de manier van spelen rasgerelateerd: windhonden rennen over het algemeen graag, labradoodles houden vaak van stoeispel en labradors beuken liever – om het even sterk te veralgemenen.

Maar wist je dat er ook zoiets bestaat als handicapping? Handicapping wil eigenlijk zeggen dat een hond zich anders voordoet dan wat hij fysiek eigenlijk kan. Denk bijvoorbeeld aan een hond die ver onder zijn topsnelheid gaat lopen, of een grote hond die zich bewust kleiner maakt om met een kleinere hond te kunnen spelen.

Dit was bijvoorbeeld ook het geval bij Tysha en Wallis toen hij hier net kwam wonen. Wallis woog 8 kg en Tysha 36 kg; Wallis kon destijds letterlijk onder Tysha’s buik door lopen. Toch hebben die twee – na een paar dagen rustig aftasten en observeren – heerlijk met elkaar gespeeld. Hoe dan? Doordat Tysha steeds ging liggen, soms zelfs plat op haar rug, om met Wallis op gelijke hoogte te kunnen stoeien. Zo lagen ze lekker te bekvechten en mocht Wallis zelfs in de haren van haar wangen bijten. Dit laat ze zeker niet van iedere hond toe (en ook niet op ieder moment!). Voor Wallis maakte ze zich echter bewust klein om aan zijn spelbehoefte te voldoen. Had ze er genoeg van? Dan stond ze gewoon op en was het spel ook direct klaar. Prachtig om te zien hoe een hond zich zo kan aanpassen aan de ander!

Hoe herken je goed spel?

Goed of passend spel tussen honden herken je aan de volgende signalen:

  • Er zijn rustmomenten in het spel: Zulke pauzes duren soms maar een seconde, soms wat langer. Je ziet dat beide honden even stilstaan (al dan niet in spelhouding of op elkaar gericht) en daarna weer verdergaan. Honden die non-stop doordenderen, doen dit vaak niet uit puur spelplezier, maar als overspronggedrag of omdat ze simpelweg niet weten hoe ze de situatie anders moeten reguleren.
  • Er is sprake van handicapping: Zoals hierboven beschreven past de sterkere, snellere of grotere hond zich aan.
  • Je ziet af en toe een spelboog: Bij een spelboog ligt de hond met zijn voorpoten op de grond terwijl zijn achterwerk in de lucht blijft. Dit is een klassiek signaal om de ander vriendelijk uit te nodigen tot spel.
  • De honden bewegen losjes: Je ziet geen stijve, houterige of gespannen bewegingen, maar veerkrachtige, speelse sprongetjes en een soepel meebewegend lijf.
  • Er is sprake van rolwisseling: Dit is een hele belangrijke graadmeter. Het is niet steeds dezelfde hond die jaagt of bovenaan ligt. Soms rent de ene voorop, even later draaien de rollen om. Wisselen de rollen niet en blijft het eenrichtingsverkeer? Dan is het geen evenwichtig spel meer en grijp je het best even rustig in.
  • Beide honden willen actief meedoen: Merk je dat één van de honden telkens probeert weg te komen, verstijft of misschien zelfs zijn tanden laat zien? Dan geeft die hond heel duidelijk én netjes aan dat hij niet (meer) wil spelen. Niet alle honden pikken die signalen direct op. Het is dan aan ons als begeleiders om tussenbeide te komen en de hond die rust zoekt te beschermen.

Ik kan nog veel meer vertellen over interactie en spel, maar dit vormt de absolute basis. Ga vooral zelf eens goed observeren: welk type spel heeft jouw hond het liefst, en is er echt sprake van een fijne, wederzijdse wisselwerking?