HELP, MIJN PUP/PUBER/HOND BLAFT NAAR ANDERE HONDEN!

HELP, MIJN PUP/PUBER/HOND BLAFT NAAR ANDERE HONDEN!

17/03/2026 Uncategorized 0

Eén van de meest voorkomende gedragsproblemen die ik tegenkom, is een hond die uitvalt naar soortgenoten. Veel baasjes lopen tegen dit probleem aan. Een paar zinnen die ik vaak hoor:

  • “Maar als hij eenmaal mag snuffelen, is het in orde.”
  • “Vaak gaat het goed tot de andere hond vlakbij is, dan valt hij uit het niets uit.”
  • “Hij is echt niet agressief, hij wil gewoon spelen!”
  • “Met sommige honden gaat het goed, met andere helemaal niet.”

Vandaag geef ik jullie wat meer uitleg over het ‘waarom’ achter uitvallende honden en deel ik tips over hoe je jouw hond hierbij kunt ondersteunen.

HET BEGINT AL BIJ HET BENADEREN

Veel mensen missen de subtiele signalen van hun hond. Of ze nu stilstaan of richting een prikkel wandelen: vaak vertelt de hond ons al een heleboel over zijn state of mind. We moeten alleen goed opletten!

Honden die reageren op andere honden — omdat ze het spannend vinden, eng vinden, willen spelen of de ander juist weg willen jagen — vertonen vaak eerst deze signalen:

  • Fixeren: Langer dan twee tellen onafgebroken naar de andere hond kijken.
  • Spanning op de lijn zetten.
  • Intensief snuffelen: Plotseling heel druk aan de grond snuffelen (vaak terwijl de ogen gericht blijven op de naderende hond).
  • Gaan liggen: Zichzelf ‘fixeren’ op de grond.

Dit zijn stuk voor stuk rode vlaggen waar je rekening mee kunt houden, nog vóórdat je in de buurt van de andere hond bent! Fixeren kan voor de andere hond erg dreigend overkomen. Soms begint jouw hond met staren, reageert de andere hond daarop door te blaffen, wat vervolgens weer een kettingreactie veroorzaakt bij jouw eigen hond. Kortom: fixeren is voor niemand fijn. Daarom is het belangrijk om dit gedrag in een vroeg stadium te doorbreken.

MAAR HOE DOE JE DAT DAN?

Er zijn verschillende manieren om je hond te leren dat hij niet langdurig naar een andere hond hoeft te staren. Welke manier het beste bij jullie past, is een kwestie van ontdekken. Wat voor de ene hond werkt, werkt voor de andere totaal niet. Daarom is het ook lastig om op afstand, zonder de hond ‘gezien en gevoeld’ te hebben, aan gedragsproblemen te werken.

Ik geef er de voorkeur aan om de hond maximaal twee tellen te laten kijken richting een prikkel. Vaak zie je dat honden die langer focussen, uiteindelijk toch uitvallen. Hier zijn een aantal opties om de focus te verleggen:

  • Aandacht vragen: Vraag de aandacht van je hond met een commando of geluidje en beloon zodra hij naar je kijkt. (Let op: dit werkt vaak alleen als de afstand groot genoeg is.)
  • Voertjes strooien: Gooi wat lekkers op de grond zodat je hond kan snuffelen terwijl de andere hond passeert. (Let op: bij een te hoge focus op de prikkel kan het zijn dat je hond het voer negeert.)
  • Achteruit stappen: Tel tot twee of drie. Blijft je hond fixeren? Stap dan achteruit en neem je hond mee uit de situatie tot hij zich naar jou omdraait of de prikkel loslaat. Wandel daarna pas weer terug.
  • De 180°-draai: Tel tot twee of drie. Kijkt je hond nog steeds? Draai dan 180 graden van je hond weg. Loopt hij links, draai dan naar rechts (en vice versa). Wandel drie tot vier stappen de andere kant op, ook als hij tegenstribbelt of achterom kijkt. Draai daarna pas weer terug.
  • Direct omkeren: Draai weg zodra je hond begint te kijken en loop zover terug tot je hond weer aandacht voor jou heeft. Beloon dit en loop dan weer richting de prikkel.

Bij al deze opties geldt: maakt de hond contact met jou (spontaan of gevraagd)? Beloon hem direct! Je hond moet leren dat de focus verleggen naar jou veel meer oplevert dan fixeren op een hond waar hij toch niet naartoe mag. Zorg dus dat je altijd lekkere snoepjes bij je hebt; jij moet leuker zijn dan de rest van de wereld!

EEN KWESTIE VAN AFSTAND EN TIJD

De laatste drie opties hebben vaak het meeste effect, omdat je letterlijk afstand neemt. Je brengt de hond naar een afstand die voor hem wél behapbaar is. Bij een bewegende prikkel die dichterbij komt, moet je dit vaak consequent herhalen.

Wat als de andere hond gepasseerd is maar jouw hond nog steeds ‘aan’ staat? Dan kun je gaan ‘stalken’. Hiermee bedoel ik dat je de prikkel achterna gaat op gepaste afstand terwijl je de gekozen oefening blijft herhalen. Hoe lang je dit doet, hangt af van hoe snel je hond de prikkel loslaat. Het voordeel: elke keer dat jij stopt of terugdraait, vergroot de andere partij de afstand, waardoor het voor jouw hond steeds makkelijker wordt om zich te herpakken.

GEEN QUICK FIX

Helaas bestaat er geen quickfix voor honden die uitvallen, wat social media je soms ook wil doen geloven. Dit gedrag vraagt om duidelijkheid, consequent zijn en een lange adem.

Naast de bovenstaande opties kun je je hond helpen door:

  • Een lessenreeks zelfregulatie of zelfbeheersing te volgen.
  • Balans- en coördinatieoefeningen te doen voor meer zelfvertrouwen.
  • Je wandeltijden slim te kiezen om drukte te vermijden.

En onthoud: heb je een keer je dag niet of totaal geen zin in een confrontatie? Dan is het helemaal prima om gewoon om te draaien en een andere weg in te slaan.

“MAAR HIJ WIL GEWOON SPELEN…”

Zelfs als je hond uitvalt uit enthousiasme, is het belangrijk dit gedrag te begrenzen. Als je hem zijn gang laat gaan, leert hij dat trekken, blaffen en piepen succes oplevert (hij mag immers naar de andere hond). Bovendien kan dit gedrag voor de andere hond heel bedreigend overkomen. Leer je hond dat hij andere honden merendeels moet negeren en er pas naartoe mag als hij rustig is én jij daar toestemming voor geeft.

PERSOONLIJKE HULP NODIG?

Heb jij een hond die uitvalt en weet je even niet meer wat je moet doen? Maak dan een afspraak voor een privétraining. Samen kijken we welke methode het beste aansluit bij jouw hond en jouw persoonlijke situatie.